Er bestaan vele soorten vis, niet alle zijn geschikt voor de vijver. De goudvis, goudwinde, rozette, goudzeelt, zeelt en zonnebaars kom je het meest tegen in de vijver.
 | De goudwinde Een dankbare vis voor alle vijvers. In een siervijver wordt hij slechts 25 cm. maar in grote vijvers kan hij tot 50 cm. uitgroeien. De kleur kan van donker oranje-geel tot bleek geel variëren, al dan niet met donkere vlekken op de rug of kop. Hij kan vlug zwemmen en is wendbaar, omdat hij gestroomlijnd is en over een korte maar krachtige staart beschikt. Daardoor worden ze zelden door parasieten aangetast. Goudwindes zijn gemakkelijke vissen die echter zuurstofrijk water eisen. Ze zwemmen vlak onder de wateroppervlakte en appreciëren stromend water. Naast Steuren zijn dit de eerste vissen die lijden aan zuurstofgebrek, ze worden daarom soms als testvissen op een vijver gezet. Een nadeel is dat eenmaal zieke windes zich nauwelijks of niet laten genezen.
Ze zijn interessant omwille van hun sierlijke verschijning en jagen de hele dag op insecten, wat insectenplagen voorkomt. Indien er voldoende insecten zijn, zullen goudwindes niet komen eten.Het zijn vissen die zich enkel in een groep op hun gemak voelen, anders verschuilen ze zich en gedragen zich schichtig. Hoe groot zo'n school moet zijn, hangt af van de grootte van de vijver en het aantal vissen dat erin zit. Zet in kleine vijvers nooit minder dan 6 goudwinden uit. In grotere vijvers zal men met 20 a 30 vissen moeten voorzien. Ze zwemmen meestal samen, de grootste op kop. |
 | De goudzeelt Een vis met een opvallend dikke slijmhuid, die genezende stoffen bevat. Ook vissen maken er gebruik van om hun wonden te ontsmetten. Een perfecte vervanger voor desinfecterende middelen. Niet voor niets dat de zeelt de dokter van de vijver wordt genoemd. De Goudzeelt wordt ook steeds meer gebruikt om Koi vijvers mede schoon te houden. Ze eten zelfs uitwerpselen van Koi. |
 | De Zonnebaars Het Zonnebaarsje komt uit de noordelijke streken van Amerika. Mits de vijver diep genoeg is, kunnen ze zonder problemen overwinteren. Zonnebaarsjes worden gemiddeld 12 tot 14 cm. groot. De naam "baarsje" geeft al aan dat het roofvisjes zijn. Onder gunstige omstandigheden planten ze zich gemakkelijk voort. De ouders verzorgen het voedsel en bewaken de jongen in de eerste levensfase. Na verloop van tijd vergrijpen ze zich echter ook aan hun eigen jongen. Zonnebaarsen bewijzen goede diensten in de vijver omdat ze de roofzuchtige larven eten van de geelgerande watertor en de libelle, ook houden ze de visstand in toom. Laat deze vis nooit los in de natuur, ze kunnen andere soorten bedreigen. |
 | De rozette Rozette ofwel goudrietvoorn is een visje wat klein blijft en heel langzaam groeit. Hij is bij uitstek geschikt in vijvers waarin planten de hoofdrol spelen. Evenals de goudwinde houd hij de vijver vrij van muggen. De vis lijkt wat betreft kleur en bouw op de goudwinde en alleen de kenner zal hem kunnen onderscheiden |
 | De goudvis Goudvissen zijn geschikte bewoners voor tuinvijvers, omdat het een heel sterke en wintervaste vis is. Onder gunstige omstandigheden kunnen goudvissen uitgroeien tot vissen van 25-30 cm. lengte. Ze kweken gemakkelijk omdat ze weinig eitjes zelf opeten. Hoewel de goudvis geen scholenvis is zoals bijvoorbeeld de goudwinde, is het toch verstandig meerdere exemplaren te houden. Goudvissen zijn alleseters, die zowel insecten, wormen als plantaardige voeding op het menu hebben staan. |
 | De Sarassa Is prachtig dieprood met veel witte vlekken. Meestal hebben ze een komeetstaart, zodat we eigenlijk over de sarassa komeetstaart zouden moeten spreken. Het zijn mooie vissen die 25 cm. worden in een normale vijver. Ze blijven van de planten af en ze zwemmen niet te diep in het water. Een heel dankbare vis. |
 | De Shubunkin Deze vis lijkt kwa vorm goed op de gewone goudvis. Hij is gevlekt: rood, blauw, oranje, wit en geel. Daarboven zijn de schubben heel doorzichtig, zodat de kleuren duidelijk doorkomen. De meest blauwe shubunkins zijn het mooist. De nakomelingen zijn van jongs af gekleurd zoal de ouders.Het is een dankbare vis, hij is mooi en sterk en hij blijft van de planten af. Hij zwemt hoger in het water. |
 | De Sluierstaart Het lichaam van deze vis is ovaler, bijna even lang als breed. De aarsvin is lang en dubbel. De staartvin is groot en driedelig. Een deel steekt recht omhoog terwijl de andere langs weerskanten naar beneden hangen. Deze vissen zijn aanmerkelijk trager dan de meeste andere vissen. Daarom wordt de Sluierstaart eerder door parasieten aangetast. |
 | De Leeuwekop Het is eigenlijk eerder een vorm dan een vis, want verschillende soorten vissen kunnen een leeuwenkop hebben. Ze zijn minder wintervast zodat men ze enkel in diepere vijvers (1 meter of dieper) kan houden. De kop zit vol met wratachtige uitstulpingen waardoor deze dikker is. Het zijn dure vissen die eigenlijk meer in het koudwateraquarium thuishoren. Daar kan de gedrochtige kop ook beter "bewonderd" worden.3 |